Home / Artikelen

Boedapest in november: thermale baden, koffiehuizen en de eerste kerstmarkt

November is niet de maand waarin de meeste mensen aan een stedentrip denken. Voor Boedapest is het juist een goede keuze. Het wordt buiten koud en grijs, en dat is precies het moment waarop een warm thermaalbad, een lange middag in een koffiehuis en de eerste glühwein op een kerstmarkt het meest opleveren. De zomerdrukte is weg, en wie de reis nu boekt, zit er nog voor de grote decemberstroom.
Buitenbad van het Széchenyi-bad in Boedapest met het gele neobarokke badgebouw, uit een video van Viator
Beeld: Viator via YouTube
Inhoudsopgave

Waarom Boedapest in november werkt

De stad heeft twee gezichten, Buda op de heuvels aan de westkant van de Donau en het vlakke, drukke Pest aan de oostkant. In de zomer loop je je er een ongeluk in de hitte, in november wandel je zonder te zweten van de Kettingbrug naar het Burchtdistrict en terug. Musea, cafés en baden zijn het hele jaar open, dus je mist weinig. En de vroege schemering maakt de verlichte gebouwen langs de rivier eerder mooi dan in juni.

Het enige wat je goed moet plannen is de kleding. Neem een warme jas, een muts en schoenen waarin je de hele dag kunt lopen, want Boedapest is een stad om te voet te ontdekken. Over die schoenen schreven we eerder een stuk met tips van podologen voor kilometers lopen in de stad.

De thermale baden, en welke nu open zijn

Boedapest ligt op tientallen warmwaterbronnen, en een bad hoort bij elk bezoek. Belangrijk om te weten voor deze winter, het beroemde Gellért-bad aan de voet van de Gellértheuvel is dicht. Het sloot volgens Wikipedia in oktober 2025 voor een grote renovatie, en de heropening staat gepland voor 2028. Wie nog een oude bucketlist met Gellért erop heeft, moet die dus aanpassen.

Gelukkig is het Széchenyi-bad in het Városliget, het stadspark, wel gewoon open, ook in de winter. Dat is het bad van de foto’s, een groot geel neobarok gebouw met buitenbaden waar de stoom in de koude lucht omhoog komt. Juist als het buiten een paar graden is, zit je daar het mooist. Ga vroeg op de dag of doordeweeks, dan is het rustiger. Neem zelf een handdoek en slippers mee als je wilt besparen op huur, en een badmuts als je in het zwembad wilt baantjes trekken.

Liever iets kleiners en ouder? Het Rudas-bad aan de Buda-kant heeft een Ottomaanse koepel uit de zestiende eeuw en een dakbad met uitzicht op de Donau. Het Lukács-bad is het bad waar vooral de inwoners zelf komen. Kijk voor openingstijden en speciale dagen altijd op de site van het bad, want die verschillen per dag.

Koffiehuizen voor een koude middag

Boedapest heeft een koffiehuiscultuur die doet denken aan Wenen, en in november is dat een mooie schuilplek. Het New York Café aan de Grote Ring is het bekendste, met een interieur vol goud, marmer en kroonluchters. Het is ook het drukste, dus reken op een rij. Café Gerbeaud aan het Vörösmarty tér is een klassieke banketbakkerij waar je de Hongaarse taarten kunt proberen, zoals de dobostorta met zijn laag karamel. Wie het wat gewoner wil, zoekt een van de kleinere cafés in de Joodse wijk in het zevende district.

Ga je via Wenen, of combineer je de twee steden, lees dan ook ons stuk over Wenen in november. Beide steden zijn met een directe trein met elkaar verbonden, en ze passen goed bij elkaar in één reis.

De eerste kerstmarkt

De grote kerstmarkt van Boedapest staat op het Vörösmarty tér, midden in Pest. In de afgelopen jaren ging die halverwege november open, en de tweede grote markt bij de Sint-Stefanusbasiliek volgde rond hetzelfde moment. Voor wie in de tweede helft van november gaat, is de kans dus groot dat je de eerste kraampjes, het eten en de glühwein meepakt. De precieze data voor 2026 worden in de herfst bekendgemaakt. Kijk daarvoor op Budapest Info, de officiële toeristische site van de stad.

Wat je er eet is stevig. Lángos (gefrituurd brood met zure room en kaas), kürtőskalács (de zoete schoorsteentaart die op houtskool wordt gebakken) en gulyás in een broodkom. Op de markt bij de basiliek is er rond het donker ook een lichtshow op de gevel. Wij vinden die markt bij de basiliek zelfs gezelliger dan de grote op het Vörösmarty tér, al is het daar soms dringen.

Wat je verder doet

  • Het Parlementsgebouw aan de Donau, vanbinnen te bezoeken met een rondleiding. Boek die van tevoren.
  • Het Burchtdistrict in Buda, met de Mattheuskerk en het Vissersbastion, waarvandaan je over de rivier op Pest uitkijkt.
  • Een avondwandeling langs de Donau tussen de Kettingbrug en de Margarethabrug, wanneer de gebouwen verlicht zijn.
  • De ruïnecafés in het zevende district, zoals Szimpla Kert, in oude panden met een bar in elke kamer.
  • De schoenen aan de Donau, een klein en indrukwekkend monument voor de Joodse slachtoffers van de Tweede Wereldoorlog.

Hoe je er komt

Vanaf Schiphol vlieg je rechtstreeks naar Boedapest. Vanaf het vliegveld rijdt een bus naar het centrum. Wil je liever met de trein, dan gaat dat via Wenen. Neem een nachttrein naar Wenen en stap daar over op de trein naar Boedapest. Het duurt langer, maar je hebt er onderweg een tweede stad bij.

Een lang weekend is genoeg voor de belangrijkste plekken, met vier dagen heb je ook tijd voor een rustige badochtend en een middag zonder plan. Boedapest is niet de stad waar je in november zon gaat zoeken, maar wel een stad waar je juist dankzij de kou het meeste uit haalt. Wie eerder in Krakau was, herkent die sfeer, en Krakau in november is een goede tweede keus als je meer van zulke steden wilt zien.

Redactie Reizen & Vakantie

Lees meer over onze redactie en werkwijze.