Home / Artikelen

Welke schoenen op een stedentrip? Podologen over kilometers lopen in de stad

Op een stedentrip loop je meer dan je denkt. Een ochtend musea, een middag door oude straatjes, ’s avonds nog naar een restaurant aan de andere kant van het centrum, en voor je het weet staat je stappenteller op een getal dat je thuis zelden haalt. Toch kiezen veel mensen hun schoenen op het uiterlijk. Aanleiding om er nu bij stil te staan is een stuk in de Belgische krant Het Nieuwsblad van 1 oktober 2026. Zanger Harry Styles wandelde twaalf kilometer door New York op loafers, en twee Vlaamse podologen legden uit waarom dat geen goed idee is en wat je beter wel aantrekt. Hun advies is bruikbaar voor iedereen die dit najaar een stad gaat verkennen.
Wandelaar op sneakers op een geplaveide straat in een Europese oude stad
Foto: Anton Tseiko via Unsplash
Inhoudsopgave

Waarom de verkeerde schoen je trip kan verpesten

Het probleem met een instapper of een loafer zit volgens sportpodoloog Berat Demaj in twee dingen. De zool is dun en vangt weinig op, en zonder veters moeten je tenen de hele dag werken om de schoen aan je voet te houden. Na een paar uur merk je dat aan je hielen, je tenen en je voetzolen. Podoloog Jorden Stroobants voegt eraan toe dat een kleine afwijking in je stand na duizenden stappen veel groter wordt, en dat overbelasting of hielspoor lang kan blijven hangen.

Dat herkennen we. De tweede dag van een stedentrip is vaak de dag waarop je minder ver komt dan gepland, en dat ligt zelden aan de stad. Kasseien, trappen naar een uitzichtpunt en lange gangen in een museum vragen meer van je voeten dan een gewone werkdag. In steden als Lissabon in oktober, met heuvels en gladde stoepen van kalksteen, merk je dat al op de eerste middag.

Wat podologen wel aanraden

Volgens de podologen zijn sneakers met een stevige zool, hardloopschoenen of lichte wandelschoenen de beste keuze. Hardloopschoenen zijn gemaakt om schokken op te vangen, en die demping heb je ook nodig op klinkers en asfalt. Wie al last heeft van knieën of een afwijking in de stand, heeft dat volgens Stroobants nog meer nodig.

Bij het kiezen letten de podologen op drie dingen.

  • Veters. Een schoen die goed vastzit, schuift niet en je voet hoeft niet mee te werken. Dat scheelt pijntjes en blaren, zegt Demaj.
  • Een zool die op de juiste plek buigt. De zool mag niet zo slap zijn dat je hem kunt uitwringen als een vaatdoek. Hij mag alleen buigen ter hoogte van het grote teengewricht, want daar plooit je voet bij het afzetten. In het midden moet hij stevig blijven. Zolen van EVA, het materiaal van de meeste hardloopschoenen, geven goede demping.
  • Een stevige hielkap. Het achterstuk van de schoen moet zo hard zijn dat je het met je duim niet kunt indrukken. Dan blijft je hiel recht staan.

Platte canvas sneakers en ballerina’s zijn prima voor een kort stuk of een avond uit, maar voor een hele dag lopen raden de podologen ze af, omdat je voeten dan alle klappen opvangen. In de winkel kun je het zelf testen. Pak de schoen bij neus en hak, probeer hem te buigen en te draaien, en druk met je duim op de hielkap.

Nieuwe schoenen? Niet vlak voor vertrek

Een fout die volgens Demaj veel mensen maken, is nieuwe schoenen kopen voor de reis en die pas op de eerste dag aantrekken. Neem liever schoenen mee die je al vaker gedragen hebt, zolang de zool niet versleten is. Koop je toch iets nieuws, doe dat dan een paar weken van tevoren en geef jezelf zo’n twee weken om ze in te lopen.

Let bij het passen op de maat. Stroobants raadt aan de binnenzool eruit te halen en erop te gaan staan. Tussen de grote teen en de rand van de zool hoort ongeveer een vingerbreedte ruimte te zitten. Op warme dagen en na veel lopen zetten je voeten wat uit, en dan mag er nergens iets knellen.

Waar je goede wandelschoenen voor de stad koopt

Voor schoenen met demping en een stevige hielkap ga je het makkelijkst naar een sportzaak of een speciaalzaak voor hardlopen. Daar kun je vaak op een loopband of in de winkel proeflopen en vragen naar een model dat bij je voet past. Bij een outdoorwinkel vind je lichte wandelschoenen die er niet uitzien alsof je de bergen in gaat. Ook in een gewone schoenenwinkel staan sneakers met een stevige zool, als je zelf de drie testjes hierboven doet. Wie steunzolen draagt, neemt die mee naar de winkel en past de schoen ermee.

Wat je meeneemt voor een stedentrip te voet

De podologen zijn het erover eens dat een tweede paar schoenen de moeite waard is als er plek in je bagage is. De drukpunten liggen in elk paar net anders, dus door af te wisselen krijgen je voeten rust. Zorg wel dat ook dat tweede paar voldoet aan de eisen voor veters, zool en hielkap. Reis je alleen met handbagage, trek dan het zwaarste paar aan in het vliegtuig. Hoeveel er in je koffer mag, hangt af van je maatschappij, zie ook ons stuk over de nieuwe regels voor handbagage.

Dit nemen wij zelf mee voor een paar dagen stad in het najaar.

  • Een paar ingelopen sneakers of hardloopschoenen met veters
  • Een tweede paar schoenen dat ook geschikt is om in te lopen
  • Je steunzolen, als je die draagt
  • Een paar extra sokken per dag, liefst sokken die vocht afvoeren
  • Blarenpleisters voor het geval dat
  • Een kleine plastic zak voor natte schoenen op de terugweg

Over sandalen zijn de podologen niet streng. Bij warm weer zijn sandalen met een voorgevormd voetbed volgens Demaj een betere keuze dan slippers, al past zo’n voetbed niet bij iedereen. Voor een herfsttrip naar Noord-Europa speelt dat minder, maar wie in oktober nog naar het zuiden gaat, heeft er wat aan. Het belangrijkste advies is eigenlijk heel eenvoudig. Kies de schoen voor de afstand die je loopt, niet voor de foto, en houd de mooie schoenen voor het diner.

Redactie Reizen & Vakantie

Lees meer over onze redactie en werkwijze.