Valencia in november: nog twintig graden, paella en de Turia-tuinen

Inhoudsopgave
Wat je in Valencia doet, hoe het weer is en wat je meeneemt, zetten we hieronder op een rij. Voor openingstijden en evenementen is de officiële site Visit València het beste startpunt.
Hoe warm is Valencia in november?
De klimaatgemiddelden voor de stad (1991 tot 2020, verzameld op Wikipedia) geven voor november een gemiddelde middagtemperatuur van ongeveer 20 graden en een nachttemperatuur rond de 11 graden. Er valt gemiddeld zo’n 52 millimeter regen, verspreid over iets meer dan vier dagen, en de zon schijnt in die maand zo’n 171 uur. Het zeewater is dan nog ongeveer 18 graden. Dat is fris om te zwemmen, maar een wandeling over het strand met je schoenen in de hand kan prima.
Twintig graden betekent wel dat de avonden fris zijn. Overdag loop je in een shirt met een dun vest, na zonsondergang wil je een jas. En als het in Valencia regent, dan regent het soms hard. Kijk de dagen voor vertrek dus even naar de weersverwachting en houd voor een natte dag een museum achter de hand.
De Turia-tuinen, de groene ruggengraat van de stad
Valencia heeft iets wat geen andere grote stad heeft. Door de stad loopt een park van zo’n negen kilometer lang, aangelegd in de oude bedding van de rivier de Turia. Na een overstroming in de vorige eeuw werd de rivier om de stad heen geleid, en de droge bedding werd een lint van tuinen, sportvelden, speelplekken en fietspaden, met de oude bruggen er nog overheen.
Het mooiste is om er een fiets voor te huren en het park van begin tot eind te volgen. Je fietst onder de bruggen door, langs sinaasappelbomen en joggers, en komt vanzelf uit bij de grootste trekpleister van de stad. In november, met een zon die laag staat en niet meer brandt, is dit misschien wel de beste manier om de stad te leren kennen.
Ciudad de las Artes y las Ciencias
Aan het oostelijke eind van de Turia-tuinen ligt de Ciudad de las Artes y las Ciencias, het witte complex dat je van elke foto van Valencia kent. Er staat een wetenschapsmuseum, een operagebouw, een filmzaal met een koepelscherm en het Oceanogràfic, een groot aquarium. Ook als je nergens naar binnen gaat, is het de moeite waard om er rond te lopen. De gebouwen staan in ondiepe vijvers en lijken op een zonnige middag bijna te zweven.
Kies vooraf welk onderdeel je echt wilt zien, want alles op één dag is te veel. Het Oceanogràfic vraagt al snel een halve dag. Op een regenachtige dag is dat juist een goede keuze, op een zonnige dag zou het zonde zijn om zo lang binnen te zitten.
De oude stad en de markt
De oude binnenstad, Ciutat Vella, is klein genoeg om te voet te doen. Begin bij de Mercado Central, een van de grote overdekte markten van Spanje, waar je tussen de kramen met vis, ham, fruit en kruiden een ontbijt bij elkaar scharrelt. Er tegenover staat La Lonja de la Seda, de oude zijdebeurs met zijn gedraaide zuilen, die op de Werelderfgoedlijst van UNESCO staat.
Loop daarna door naar de kathedraal en de wijk El Carmen, met smalle straatjes, muurschilderingen en kleine bars. Wil je ’s avonds eten, dan is de wijk Ruzafa een goede keuze, iets buiten de oude stad, met veel restaurants waar vooral inwoners zitten. Spaans eten begint laat. Om zeven uur zit je in de meeste restaurants alleen.
Paella, en waar die vandaan komt
Valencia is de stad van de paella, en dan bedoelen we de echte paella valenciana met kip, konijn en bonen, niet de schaal met zeevruchten die je overal aan de kust krijgt. De rijst komt uit L’Albufera, een groot natuurgebied met een lagune en rijstvelden ten zuiden van de stad. Daar kun je met de bus naartoe, een boottocht maken over het meer en in een van de dorpjes paella eten waar hij vandaan komt. Tip van ons is om de paella als lunch te eten, zoals de Valencianen zelf doen, en niet ’s avonds.
Ook in de stad zelf eet je goede paella, vooral in de restaurants aan het strand bij de oude vissersbuurt El Cabanyal. Daar zit je in november gewoon nog buiten, met uitzicht op een bijna leeg strand.
Wat je meeneemt
Voor Valencia in november pak je in lagen in. Een paar shirts, een dunne trui of vest, een lichte regenjas en een jas voor de avond. Goede wandelschoenen zijn belangrijker dan je denkt, want je loopt in deze stad al snel heel wat kilometers per dag. Een zonnebril en zonnebrand zijn geen overbodige luxe, de zon is in november nog sterk genoeg om je gezicht te laten verbranden op een middag in het park. Een zwempak kan mee, maar reken er niet op dat je de zee in gaat.
Ga je alleen met handbagage, controleer dan de maten van je maatschappij goed. Over de nieuwe Europese regels voor handbagage schreven we eerder een eigen stuk.
Zo kom je er
Transavia vliegt rechtstreeks naar Valencia vanaf Schiphol, Eindhoven en Rotterdam, en de vlucht duurt ruim twee uur. Vanaf het vliegveld rijden metrolijnen 3 en 5 de stad in. Volgens de toeristische dienst ben je in ongeveer twintig minuten bij de haltes Xàtiva, Colón of Àngel Guimerà in het centrum, en vertrekt er elk kwartier tot twintig minuten een metro.
Kijk je nog naar andere zachte steden voor de late herfst, dan staan Sevilla en Lissabon ook hoog op ons lijstje. Maar wie een stad wil met een strand, een park van negen kilometer en de beste paella van Spanje, zit in november in Valencia goed.





